Relaties

Kanker treft niet alleen jou, maar ook de mensen in je naaste omgeving. En als je genezen bent, werkt het verleden nog door in het gezin en de relaties die je aangaat. Wat vertel je aan nieuwe vrienden? En wat aan een eventuele partner?

Ouders, broers en zussen

Kanker is niet alleen een ingrijpende ervaring in een kinderleven, maar ook in dat van ouders en broers en zussen. Na beëindiging van de therapie werken de gevolgen nog lang door in het gezin. Die invloed is niet alleen negatief. Het feit dat het gezin samen een zware beproeving heeft doorstaan, schept vaak een hechte onderlinge band en geeft een gevoel van trots en eigenwaarde. Een ernstig ziek kind is vaak afhankelijker van zijn ouders dan gezonde kinderen. Kind en ouders brengen veel tijd samen door, waardoor zij dichter bij elkaar komen te staan. Dat maakt het moeilijk om op een gegeven moment het ouderlijk huis te verlaten. Je ouders zijn misschien ook extra bezorgd over je gezondheid. Dat kan een belemmering zijn op de weg naar zelfstandigheid en een bron van onzekerheid en conflicten.
Voor je broers en zussen was het misschien moeilijk te accepteren dat je tijdens je ziekte meer aandacht kreeg (en misschien nog wel krijgt) dan zij. Zij maken zich zorgen over hun plaats in het gezin. Voor hen is het fijn als erkend wordt dat ook zij last hebben (gehad) van de gevolgen van jouw ziekte.

Nieuwe vrienden

Wat doe je als je nieuwe vrienden ontmoet? Vertel je ze dat je als kind kanker hebt gehad of niet, en zo ja, wanneer? Dat is heel persoonlijk. Je vindt het misschien niet van belang omdat het al zo lang geleden is. Maar het kan ook zijn dat je het liever maar meteen vertelt. Je eigen gevoel is de beste raadgever.

Liefdesrelaties

Anders ligt het bij het aangaan van een liefdesrelatie, zeker als die serieus is. Littekens die anders nog wel eens verborgen blijven, komen aan het licht. Aan je geliefde laat je ook emotioneel meer van jezelf zien dan aan een willekeurige vriend of kennis. Bovendien kan je seksleven belast zijn omdat je onzeker bent over je lichaam, twijfelt over je vruchtbaarheid of je zorgen maakt over de gezondheid van jouw eventuele kinderen.

Hoe zit dat eigenlijk met eventuele kinderen?

  • De meeste mensen die op de kinderleeftijd kanker hebben gehad zijn normaal vruchtbaar.
  • Bij sommigen is sprake van vruchtbaarheidsstoornissen ten gevolge van de behandeling.
  • Er zijn aanwijzingen dat vrouwen na de behandeling voor kinderkanker eerder in de overgang kunnen komen. Het is verstandig het krijgen van kinderen niet te lang uit te stellen.
  • Vrouwen die bestraling op hun onderbuik of bekken hebben gehad, kunnen een te vroeg geboren baby krijgen of een baby met een laag geboortegewicht. Was bestraling een onderdeel van je behandeling, vertel dit dan aan je verloskundige, huisarts of gynaecoloog.
  • De kinderen van mensen die als kind kanker hebben gehad, hebben geen verhoogde kans op aangeboren afwijkingen.
  • Er bestaan enkele zeldzame erfelijke vormen van kinderkanker, zoals de erfelijke vorm van het retinoblastoom. Als je een dergelijke vorm van kanker hebt gehad, is het verstandig met je arts te praten voordat je aan kinderen begint.

Als je vragen hebt over vruchtbaarheid en erfelijkheid, bespreek die dan op de LATER-poli.

Het kan zijn dat je bang bent een vaste relatie aan te gaan omdat je kanker hebt gehad of omdat je te maken hebt met lichamelijke en emotionele gevolgen. Je kunt echter net als ieder ander een goede relatie hebben.

© VOKK 2017 – Built and powered by Onlinebase