bewegen

Bewegen is goed voor iedereen en voor de meeste kinderen heel natuurlijk. Wanneer je kind kanker heeft, beweegt het mogelijk minder en anders door verschillende oorzaken. Toch, of juist dan, is het belangrijk dat je kind zo veel mogelijk in beweging blijft. Maar hoe doe je dat?

Bewegen: natuurlijk!?

Sport en bewegen is voor de meeste kinderen natuurlijk. Ze trappen een balletje met vrienden, springen touwtje en lopen of fietsen naar school. Veel kinderen doen daarnaast aan sport, op school of bij een vereniging, op wedstrijdniveau of voor hun plezier. Wanneer je kind kanker heeft, is dat allemaal niet meer zo vanzelfsprekend.

Bewegen heeft veel voordelen: je blijft in conditie, voelt je fitter en blijft makkelijker op gewicht. Tijdens sporten komen endorfines vrij die je een fijn gevoel geven. Je slaapt beter, voelt minder pijn, hebt meer eetlust en minder verstopping. En niet onbelangrijk, sport en spel geven je het gevoel erbij te horen.

Oorzaken minder bewegen

Heeft je kind kanker, dan voelt het zich niet lekker en heeft het minder zin om actief te zijn. Je kind eet minder, heeft minder energie, is sneller moe en minder levendig. Ook de bijwerkingen van en de lange behandeling zelf spelen een rol: minder conditie, afname van spierkracht en botdichtheid en concentratieverlies.

Maximaal bewegen

Je kind heeft vaker hulp nodig en krijgt minder zelfvertrouwen. Dit is, deels, te voorkomen door je kind vanaf dag 1 maximaal te laten bewegen. Dat wil zeggen bewegen binnen de grenzen. Deze zijn voor elk kind, elke situatie en elke fase anders en kan variëren van even rechtop in bed zitten tot intensieve loop- of krachttraining.

Hoe je kind ondanks alle obstakels toch maximaal kan blijven bewegen en wat je als ouder zelf kunt doen, lees je in onze brochure Natuurlijk bewegen!? Tips en adviezen voor kinderen met kanker. Deze is ook te bestellen in onze webwinkel.

© VOKK 2017 – Built and powered by Onlinebase