Neuroblastoom

Zie ook onze brochure 'Neuroblastoom' die je niet alleen kunt bestellen maar ook als PDF kunt downloaden.

Inleiding

Een neuroblastoom ontwikkelt zich in de voorlopercellen van het sympathisch zenuwstelsel. Daarom spreekt men ook wel van sympathicoblastoom. Het sympathisch zenuwstelsel bestaat uit een netwerk van cellen, banen en knopen die loopt van de hals tot het staartbeen. Neuroblastomen kunnen overal in dit systeem ontstaan met een voorkeur voor het merg van de bijnier (60%). Jaarlijks krijgen ongeveer 25 kinderen in Nederland een neuroblastoom; het meerendeel is jonger dan zes jaar. Bij de meeste kinderen zit de tumor in de buik, bij enkele in de borstholte, de hals of het bekken.

Klachten

Klachten variëren naar gelang de plaats van de tumor. Een neuroblastoom in de buik kan een opgezwollen buik tot gevolg hebben en gaat soms gepaard met buikpijn en misselijkheid. Een tumor in de borstholte geeft soms ademhalingsproblemen, een tumor in het bekken problemen met plassen en de ontlasting. Zit het neuroblastoom in het zenuwkanaal van de wervelkolom dan kunnen er verlammingsverschijnselen zijn. Een neuroblastoom in de hals veroorzaakt behalve een zwelling soms een hangend ooglid. Omdat de tumor stoffen aanmaakt die de zenuwbanen rond de organen prikkelen, hebben sommige kinderen last van hoge bloeddruk, overmatig zweten en diarree. Ook eventuele uitzaaiingen kunnen klachten geven.

Behandeling

Neuroblastomen worden ingedeeld in stadia die de behandeling bepalen. Operatie, bestraling, chemotherapie en een MIBG-behandeling worden al dan niet in combinatie toegepast. MIBG is een tumorspecifieke bestraling. Vaak volgt een hoge dosis chemotherapie gevolgd door stamcelreïnfusie. Kinderen met een hoog-risico neuroblastoom die tumorvrij zijn na teruggave van hun stamcellen komen in aanmerking voor immunotherapie. Immunotherapie zet het afweersysteem van het kind aan tot vernietigen van kankercellen.

© VOKK 2017 – Built and powered by Onlinebase